…En link naar de rest

by Melle Gloerich on 25/12/2008 · 5 comments

Innovatie is het toverwoord van de laatste maanden (jaren?) om de traditionele media winstgevend en relevant te blijven houden. Het is een woord waar nooit iemand tegen is, maar is vaak ook woord om nutteloze en uren durende vergader- en brainstormsessies mee te verantwoorden. Misschien is het een aardig idee om het over één specifiek onderwerp te hebben: De link-economie, ofwel: de wegwijzers van internet. Kort gezegd is het de volgende slogan: “Cover what you do best, link to the rest” (lees ook deze twee artikelen van Jeff Jarvis).

Waar kranten en andere media hun autoriteit gebruiken om bepaalde zaken op de agenda te zetten en te kunnen zeggen ‘luister mensen, dit is belangrijk’, durven ze dat eigenlijk alleen te doen als ze een reporter hebben die hierover een item kan maken of een artikel kan schrijven. Ook als bijvoorbeeld een andere krant daar expert in is of net een dag daarvoor al dat item geplaatst heeft, want ze zijn als de dood dat de gebruiker van de site vertrekt. Een rare houding die gestoeld is op zaken als de dagelijkse nieuwscyclus waardoor de scoop het alleenrecht op het nieuws voor minimaal een halve dag garandeert, auteursrecht, monogame nieuwsconsumptie en ongetwijfeld vele andere oude tradities en gewoontes.
Door deze houding moet een dagblad, journaal of nieuwszender dat breed georiënteerd is een enorme hoeveelheid journalisten in dienst houden. Van deze grote hoeveelheid journalisten is een groot deel noodgedwongen niet of nauwelijks gespecialiseerd maar juist goed in het snel algemeen verwoorden van nieuws. Met als gevolg schitterende dieptepunten waar bij persconferenties tientallen journalisten komen die allemaal met dezelfde snippertjes marketingblaat hetzelfde verhaal produceren voor op de voorpagina van evenveel dagbladen.

The okay and the bad
Af en toe word ik positief verrast door de NRC-next die een goed en groot artikel uit een buitenlandse krant vertaald plaatst. Ook verwijzen ze nog wel eens naar Youtube, maar verwijzen naar de concurrent heb ik nog niet waargenomen. Dit terwijl ik me niet kan voorstellen dat Nederlandse media specialisten heeft op bijvoorbeeld het West-Afrikaanse Guinée waar het leger dinsdag de macht heeft gegrepen. Op de hoofdpagina van de Volkskrant van afgelopen dinsdag wordt verwezen naar hun eigen artikeltje dat zeer algemeen, gortdroog en met wiki-weetjes is opgelepeld uit de ANP-feed. Daar zijn toch in het buitenland toch zeker wel betere stukken van te vinden? Verwijs er dan naar!
Als mensen naar je site komen omdat je óf zelf de kennis in huis hebt óf verwijst naar die specialistische kennis en ze worden niet teleurgesteld in die verwachting, dan zullen ze terugkomen. Tijdens Blog08 in oktober vertelde Loren Feldman op zijn typische manier dat hij niet eens meer een link plaatst maar hoopt dat je het gaat googlen. Zijn insteek is dat als mensen een beetje moeite moeten doen ze beter onthouden wie ze op het idee gebracht heeft. Een krant moet, denk ik, echter wel het nieuws zo snel mogelijk bereikbaar maken.
Overigens vind ik nieuws van de AP/ANP vaak zo droog en algemeen dat ik verlang naar een wellicht minder feitelijke weergave van een journalist die ter plekke is. De Baghdad-blogger is hier natuurlijk het perfecte voorbeeld van. 

Wat kunnen we nú doen?
Na de presentatie van Almar Latour bij RethinkingMedia in November vroeg ik hem hoe hij keek naar het beschikbaar maken van waardevolle links van journalisten. Hij zei dat ze bij de Wallstreet Journal Online daar over aan het denken zijn maar dat hij daar nu verder weinig over kon zeggen. Wel sprak hij over de waarde van het linken door journalisten, ze werken namelijk als een soort kwaliteitsfilters. Het verbaasde hem dat er vragen kwamen over reclame-inkomsten en niet over dit soort onderwerpen. Sites als Digg en SocialMedian laten maken de technologie al mogelijk, maar worden nog zelden gebruikt door media met autoriteit.
Laten we zelf een begin maken: Google Reader is een van de tools die onmisbaar zijn voor mijn werk als ‘content master’ bij de NGN . Bij de NGN gebruiken we dit al op een best aardige manier: Een aantal medewerkers/bloggers (ik ook) hebben de mogelijkheid om de artikelen met Google Reader te delen waarbij die artikelen vervolgens naast hun blogs te zien zijn (in de huisstijl). Ook beheer ik een apart account waar gedeelde artikelen op de homepage terecht komen (IT-nieuws).
Een functionaliteit die ik meer en meer ga waarderen is het volgen van ‘shared items’ van personen. Mensen die duizenden berichten per dag lezen en dan de meest interessante filteren en delen zorgen voor een mooie stroom aan goede berichten. Natuurlijk volg ik hier Robert Scoble mee, maar ook bijvoorbeeld de feed die Steve Rubel met ‘Thinkers’ heeft gelabeld. Ook ben ik op Twitter en Friendfeed aanwezig, maar de spoeling is me daar eigenlijk te dun, teveel moeite voor iets interessants. Sure, ik vind het af en toe best prettig om daar te praten en luisteren maar ik moet het eens goed gaan finetunen om het nuttig te maken denk ik.

Wiens ‘shared items’-feeds moet ik zeker volgen? Welke mensen beheren die verwijzingsstrategie erg goed? Hoe kunnen de traditionele en nieuwe media gebruik maken van de zogenaamde link-economie? Welke media-sites gaan hier al goed mee om?

{ 4 comments… read them below or add one }

Leave a Comment

Previous post:

Next post: